Het (ECHTE) verhaal over IPC standaarden dat je waarschijnlijk nog niet kende! (IPC V2.0 voor Dummies)

Velen van jullie zullen vast wel eens gehoord hebben van de IPC standaarden. In het meest gunstigste geval heb je misschien een IPC standaard in je bezit of ligt er zelfs eentje op je bureau. Mocht je nu al denken van “daar gaan we weer” en sta je al op het punt om af te haken, dan willen we je juist uitdagen om dit artikel verder lezen. Waarschijnlijk hoor jij dan tot de doelgroep waarvoor wij dit artikel geschreven hebben.
De informatie die wij in dit artikel geven vind je niet in een IPC standaard terug maar onderstaande informatie heeft wel heel veel (juridische)consequenties.
Laten wij eens starten bij het begin.

“HET CONTRACT”

Het allerbelangrijkste document, dat overigens niet IPC gerelateerd is, is het contract dat wordt afgesloten tussen jou en je klant!
In het contract staan afspraken waaraan je je dient te houden.  Eventueel aangevuld met een zogenaamd AABUS Document (as agreed between User and Suplier). Logisch zul je nu waarschijnlijk denken. Het contract is in dit artikel ook ons uitgangspunt.
Alle IPC documenten, geven in hoofdstuk één aan dat het contract het allerbelangrijkste document is.
Naast het contract kunnen ook detailtekeningen erg belangrijk zijn. Indien je akkoord gaat en het contract en/of detailtekeningen ondertekend, dan hebben deze ook juridische consequenties. Vooral als je niet voldoet aan de afspraken die in het contract zijn vastgelegd. Tot zover hebben we nog geen rare of afwijkende zaken benoemd, die niet bij iedereen bekend zijn.

“(JURIDISCHE) CONSEQUENTIES”

Maar wat hebben de IPC standaarden en het contract met elkaar gemeen? Om eerlijk te zijn “helemaal niks.” Tenzij in het contract wordt wel vaak naar een of meerdere IPC standaarden en/of een IPC productklasse verwezen of aangehaald.  Worden er in het contract naar een of meerdere IPC standaarden en/of een IPC productklasse verwezen of aangehaald, dan heeft dat ook juridische consequenties.
De juridische consequenties verschillen per IPC standaard en per aangehaalde IPC productklasse.
Het is onmogelijk om alle opties en/of consequenties in dit artikel te bespreken.
We zullen ons daarom beperken tot een algemene uitleg waarbij we de meest bekende IPC standaard zullen gebruiken. In ons voorbeeld maken we gebruik van de IPC-A-610, waarbij we de versie buiten beschouwing laten.

“PRODUCEREN VOLGENS IPC-A-610 ?”

Iets dat wij regelmatig in contracten zien staan is “produceren volgens IPC-A-610” (en misschien zelfs met een productklasse aanduiding). Het is heel fijn dat er een IPC standaard wordt aangehaald, maar juridisch gezien staat hier een hoop onzin. De IPC-A-610 is namelijk géén productie standaard. Produceren volgens IPC-A-610 is onmogelijk en kan daarom ook helemaal niet! De IPC-A-610 beschrijft de aflevereisen van geassembleerde elektronica en deze hebben helemaal niets te maken met het productieproces.

Indien “produceren volgens IPC-A-610” in je contract staat geeft dit dus aan dat er geen of nauwelijks kennis aanwezig is op het gebied van IPC standaarden! Juridisch gezien spreken we dan over een zogenaamde misleiding. Je hebt afspraken gemaakt die je niet kunt nakomen en de klant kan dan juridische stappen ondernemen zoals het contract ontbinden, een schadeclaim eisen, eisen dat je alsnog voldoet of het werk uitbesteden aan derden en de kosten op jou verhalen.

Staat er in het contract “afleveren volgens IPC-A-610” (en misschien zelfs met een productklasse aanduiding). Dan is dit heel iets anders. Dit houdt namelijk in dat de geassembleerde printplaten visueel gecontroleerd worden of ze voldoen aan de IPC-A-610. Maar wat zijn dan de juridische consequenties?

Indien er in het contract staat “afleveren volgens IPC-A-610” dan betekent dit dat je moet voldoen aan de IPC-A-610 standaard. In deze standaard staat onder andere een paragraaf over “personnel proficiency” oftewel het aantonen dat iemand bekwaam is voor het verrichten van de werkzaamheden. Dit is gelijk ook een paragraaf die veel bedrijven te makkelijk opvatten maar die juist heel veel juridische consequenties heeft. Alleen het in het bezit hebben van de IPC standaard is dus bij lange na niet voldoende! De bovenstaande paragraaf, geeft duidelijk aan dat al het personeel die werkzaamheden verrichten aan de producten waar het contract op van toepassing is, vakbekwaam moeten zijn. Dit moet je dus als bedrijf kunnen aantonen.
Nu krijg je natuurlijk de vraag hoe toon je deze vakbekwaamheid aan?

“VAKBEKWAAMHEID”

De IPC-A-610 standaard beschrijft hierin twee mogelijkheden.

De eerste mogelijkheid is om een eigen training te ontwikkelen. Deze eigen training moet ter goedkeuring aan de klant worden voorgelegd. In dit trainingsprogramma moet je onder andere aangeven hoe je het personeel gaat trainen, welke onderwerpen je gaat bespreken, hoe je gaat testen of het personeel de vaardigheden bezit, hoe je dit gaat vastleggen, de frequentie waarmee je vaardigheden gaat toetsen, etc. etc..  Een hoop werk waar bijna niemand op zit te wachten.

Een ander heel vervelend probleem is dat er copyright zit op de IPC standaarden. Hierdoor mag je niks uit de IPC standaarden gebruiker voor het maken van deze eigen training. Met andere woorden kun je dus niet voldoen aan de eisen die in de standaard staan want je mag niks uit de standaard kopiëren/gebruiken. Hierdoor kunnen je het personeel niet opleiden in de betreffende IPC standaard. Je zou dus al een eigen kwaliteitshandboek (acceptatie standaard) moeten ontwerpen in samenspraak met je klant. Hierdoor kun je niet voldoen aan de IPC standaard en dus ook juridisch niet voldoen aan het contract.

De tweede manier om aan te tonen dat je personeel vakbekwaam is, en eigenlijk ook de enigste manier, is door het overleggen van een geldig IPC certificaat. Om in het bezit te komen van een IPC certificaat dienen personen een IPC opleiding te volgen. Door het overleggen van een geldig IPC certificaat kun je aantonen dat je vakbekwaam bent in de betreffende standaard. Je hebt immers voldaan aan de eisen die gesteld worden aan de opleiding anders zou je niet in het bezit zijn van een IPC certificaat.

Hierbij moet wel een opmerking gemaakt worden. Sommige bedrijven laten hun personeel alleen maar trainen in de verplichte module. Juridisch gezien is dit dus ook een fail. Het personeel moet namelijk naast de verplichte module namelijk ook getraind worden in de module(s) die zij nodig hebben voor hun werkzaamheden/competenties. Deze worden afzonderlijk op het IPC certificaat vermeld. Alleen wanneer er meerdere modules op het certificaat zijn vermeld, voldoe je ook aan de juridische verplichtingen van het contract en dus aan de betreffende standaard.

“ON -THE-JOB-TRAINING ?”

Maar wat als je nu nieuw personeel in dienst krijgt die nog niet in het bezit zijn van een geldig IPC certificaat? Ook hiervoor is er een oplossing, namelijk een zogenaamde on-the-job-training of kortweg OJT. Bij een OJT worden de niet vakkundige personeelsleden onder toezicht geplaatst van een vakbekwaam persoon (lees in het bezit van een geldig IPC certificaat). Alle werkzaamheden die de niet vakkundige personeelsleden verrichten, moeten gecontroleerd worden door een vakbekwaam persoon voordat deze vrijgegeven worden. De personen blijven onder toezicht werken totdat deze personen zelf in het bezit zijn van een geldig IPC certificaat.

Daarna mogen ze de werkzaamheden zelfstandig verrichten.

“PRODUCEREN VOLGENS IPC KLASSE 2”

Maar wat als er nu een productklasse wordt aangehaald in plaats van een IPC standaard?

Stel voor dat er in het contract staat “produceren volgens IPC klasse 2”.

Wat betekent dit dan allemaal?

Indien dit in je contract staat heeft dit heel veel (juridische)consequenties. Zo zou het ontwerp o.a. moeten voldoen aan de IPC-2220 serie (ontwerp standaard) en mag dit alleen gedaan worden door een Certified IPC Designer (CID). De printplaat (PCB) zou o.a. moeten voldoen aan de IPC-A-600 en de IPC-6010 serie etc. (ook hier moeten de mensen in het bezit zijn van een geldig IPC certificaat).
Maar in ons artikel beperken we ons even tot het assemblage proces.
Het begint allemaal bij de inkomende goederen. De binnenkomende inspectie van PCB’s moet volgens het contract dan gebeuren aan de hand van de IPC-A-600 standaard (denk aan IPC certificaat). De PCB’s moeten opgeslagen worden volgens de IPC-1601. Vochtgevoelige componenten moeten voldoen aan de J-STD-020 en J-STD-033 etc. etc.
Maar laten we kijken naar het productieproces zelf.
Volgens het contract moet je voldoen aan de J-STD-001 (eisen m.b.t. solderen). Dit zeer dun document en in Nederland/België niet zo populaire document heeft gigantische impact op de gehele productie.
(Uiteraard hoeven we niet meer te vermelden dat iedereen die betrokken is bij het productieproces, ook in het bezit moet zijn van een IPC J-STD-001 certificaat.)
Zo staan er tal van verwijzingen naar andere IPC standaarden in de J-STD-001, waaraan je ook moet voldoen. Bijvoorbeeld de J-STD-002, J-STD-003, J-STD-004,J-STD-005, J-STD-006 etc.
In de J-STD-001 staat bijvoorbeeld ook dat je een ESD beleid moet implementeren dat voldoet aan de ANSI-ESD S.2020 of IEC-61340 of gelijkwaardig document.
Voor het assemblageproces moet je o.a. voldoen aan de IPC-9191 en IPC-9194 (SPC oftewel Static Process Control document) of gelijkwaardig document, etc. etc.

Ook voor de hoeveelheid verontreiniging op printplaten is er een verwijzing naar bijvoorbeeld de IPC-CH-65 waaraan je moet voldoen. En zo staan er nog tal van andere verwijzingen in de J-STD-001 en aanvullende documenten waar je volgens het contract dus aan moet voldoen!

Dit lezende begrijp je waarschijnlijk dat er binnen Nederland/België veel bedrijven aangeven dat ze volgens IPC klasse 2 en zelfs klasse 3 kunnen produceren maar dat de meeste nog niet eens kunnen voldoen aan het produceren van IPC klasse 1 producten! Vooral omdat ze de J-STD-001 niet geïmplementeerd hebben! Dit is een harde uitspraak van ons die helaas in de praktijk wel waar is gebleken.

Veel bedrijven en hun klanten, weten niet wat de juridische consequenties zijn indien ze in het contract iets zetten terwijl ze niet of nauwelijks weten wat het betekent. Uiteraard worden afspraken gemaakt met de beste bedoelingen maar omdat het aan kennis ontbreekt, pakt het vaak (juridisch) verkeerd uit! Soms denken bedrijven er ook te makkelijk over omdat het tot op heden altijd goed gegaan is. Maar dat is natuurlijk geen garantie voor de toekomst!

Wanneer er een IPC standaard of productklasse wordt aangehaald in je contract, dan begrijp uit bovenstaand artikel dat dit veel meer inhoudt dan alleen maar een of meerdere IPC standaarden in je bezit te hebben. Ben dus erg voorzichtig met hetgeen je in je contract zet of staat en hoe je dit formuleert. Heb je advies of hulp nodig, of wil je meer weten over de formulering in jou contract en wat dit nou precies betekent? Neem dan contact op met ons Technology Center ETECH-training (TCET) via (+31 045) 711 23 90. Wij helpen je graag mee met het inzichtelijk maken van je contract.

Vond je ons artikel leerzaam? laat dan graag een reactie achter en volg ons via facebook, twitter, instagram of Linkedin.

Uiteraard nodigen we ook graag uit om deel te nemen in ons GRATIS online tech support Forum (etech.training/forum).